Gebed om Herleving

"God is getrouw ..."

1Kor.1:9

"... Die het ook doen zal"

1Thess. 5:24

Uitwerkingen / Gezinsgodsdienst / M. Henry / Onderwijs

Dagelijks onderwijs aan de kinderen
 

“Hebt gij uw kinderen aan Christus opgedragen, brengt hen dan ook groot volgens Zijn woord en vermaning. Het is niet voldoende, dat gij dagelijks met hen en voor hen bidt, maar gij moet hen dagelijks onderwijzen in de vreze des Heeren, de bron van hun wijsheid en hun welzijn. Het is opmerkelijk dat na Israëls grondwet: ‘De Heere onze God is een énig Heere’, en na het grote gebod: ‘Gij zult de Heere uw God liefhebben met geheel uw hart’ volgt — als een noodzakelijke plicht en als het middel om het geloof in de wereld te bewaren — ‘Gij zult die woorden ijverig leren aan uw kinderen’ en dat onderricht zien als één van de belangrijkste onderdelen van uw ouderlijke taak.

Het is noodzakelijker ‘kennis van God’ voor hen te verwerven dan geld en goed, ja dan het dagelijks brood. Gij moet hun dan ook niet alleen eens in de week hun catechismus overhoren, maar vrijmoedig en vertrouwelijk met hen spreken over de waarheid en de wet Gods; zo ernstig mogelijk, als gij in uw huis zit en als gij met hen op de weg loopt [1]; ’s avonds, eer gij ter ruste gaat, leest hun dan een stuk uit de Schrift voor en zorgt dat zij daar aandacht aan geven; dan weer in de morgen als gij opstaat, zodat op die manier het Woord Gods rijkelijk woning kan maken in hun hart. (...) Zij moeten wel iedere dag naar school, behoren zij dan niet iedere dag onderwezen te worden in het Woord van God, zodat zij Christus leren kennen, hetgeen oneindig veel belangrijker is? (…)
Bij het onderwijzen van de kinderen in de kennis Gods zijn beide ouders betrokken. Salomo spreekt over de tucht van uw vader en de leer van uw moeder[2], maar als zij nog jong zijn heeft de moeder meer gelegenheid hun in te prenten wat goed is en moet zij van die kans dan ook gebruik maken. Timotheüs leerde de heilige Schrift kennen vanaf zijn jeugd door de opvoeding van een vrome moeder en grootmoeder [3]; en koning Lemuël vergeet, als hij de troon bestijgt, de woorden, waarmee zijn moeder hem vermaande, niet [4].”

Christus en de kinderen, Matthew Henry (1662-1714)
De Groot Goudriaan

-------
[1] Deut. 6:4-7.
[2] Spr. 1:8.
[3] 2 Tim. 1:5.
[4] Spr. 31:1.